Therapeut Leerdam veroordeeld door de media

Inspectie schorste hem onder hevige mediadruk, zonder enig onderzoek te hebben ingesteld naar de zware beschuldigingen

Bron: Trouw 2 september 2011

Auteur: Martin Buijsen, hoogleraar Recht en Gezondheidsrecht aan de Erasmus Universiteit

De afgelopen weken wist een psychotherapeut uit Leerdam de aandacht van de media op zich gevestigd. Over deze hulpverlener zijn al enige tijd klachten, maar deze trokken nauwelijks enige aandacht, buiten het plaatselijke sufferdje.

Dit veranderde toen de klagers een zwartboek samenstelden. Na de anonieme plaatsing van de tekst op internet wierpen de landelijkse massamedia zich razendsnel op de kwestie, om weer even snel te verdwijnen toen de Inspectie voor de Gezondheidszorg bekendmaakte te man te hebben bevolen zijn werkzaamheden onmiddellijk te staken.

Bij de gang van zaken moeten toch enige kanttekeningen worden geplaatst. In het zwartboek, opgesteld door 24 gewezen cliënten en medewerkers, werd de psychotherapeut beticht van een reeks ernstige vergrijpen, variërend van het stellen van onjuiste diagnoses en manipulatief gedrag tot machtsmisbruik, obsceniteiten, fraude en schending van de geheimhoudingsplicht.

De klagers waren vooral verbolgen over het feit dat de hulpverlener nog steeds zijn praktijk uitoefende, terwijl een tuchtcollege toch eerder had uitgemaakt dat dit niet mocht. Sinds de plaatsing van de klachten op het internet hebben de landelijke media – ook de serieuze – niets anders gedaan dan luidruchtig uiting geven aan deze verontwaardiging.

Feit is dat de hulpverlener vóór het optreden van de Inspectie helemaal niet was geschorst. Feit is dat een regionaal tuchtcollege in oktober 2010 heeft geoordeeld dat hij bij de behandeling van een patiënte inderdaad niet heeft gehandeld als ‘een redelijk bekwaam beroepsbeoefenaar’.

Feit is ook dat de begane fouten in de ogen van de tuchtrechter ernstig genoeg waren om hem de zwaarste maatregel op te leggen: doorhaling van zijn inschrijving in het beroepsregister. Na zo’n maatregel mag de hulpverlener zijn stiel van psychotherapeut niet meer uitoefenen, maar niet nadat de beslissing die is opgelegd onherroepelijk is geworden. En dat was niet het geval omdat de psychotherapeut tegen de beslissing beroep had aangetekend bij het centraal tuchtcollege.

Dat is zijn goed recht, omdat er voor hem nogal wat op het spel staat. Niets minder dan zijn bestaan als psychotherapeut. Omwille van het belang van de gezondheidszorg had de lagere tuchtrechter als voorlopige voorziening tevens schorsing van inschrijving kunnen opleggen, maar die vond dat kennelijk niet nodig.

De inspectie greep in op het moment dat de media-aandacht het hevigst was, zonder enig onderzoek te hebben verricht. Het heeft er alle schijn van dat dat onder mediadruk is gebeurd. Hulpverleners maken fouten en kunnen grote schade berokkenen aan mensen die zich met een probleem tot hen gewend hebben. Meestal zijn deze fouten het gevolg van onzorgvuldigheid, soms van ondeskundigheid, en in een enkel geval van kwaadwillligheid.

Maar behoorlijke rechtspleging is ook een groot goed. Zozeer zelfs dat het in tal van internationale verdragen als mensenrecht is erkend. Bugers die door medeburgers van onrechtmatig handelen worden beticht, moeten er gerust op kunnen zijn dat een onpartijdige derde op zorgvuldige wijze, met toepassing van hoor en wederhoor en mogelijkheid van beroep, beziet of er waarheid schuilt in de beschuldigingen.

In onze rechtstaat blijven beschuldingen beschuldingen totdat de rechter geoordeeld heeft. De zaak van de Leerdammer psychotherapeut heeft veel weg van een trial by media. Als overheidsinstanties hierin meegaan, mag deze hulpverlener vrezen dat een eerlijk proces er voor hem niet meer in zit.